Wetsvoorstel afschaffing lijstencombinaties

Reactie

Naam PvdA Brummen-Eerbeek (drs. W. van Weteringen)
Plaats Brummen
Datum 27 juli 2015

Vraag1

Wilt u reageren op het wetsvoorstel tot wijziging van de Kieswet in verband met het afschaffen van de mogelijkheid om lijstencombinaties aan te gaan.
Praktische bezwaren
Partijen die ideologisch dicht bij elkaar liggen gaan vaak een lijstverbinding aan, maar niet om op een “slinkse” wijze een restzetel in de wacht te slepen zoals de heer Taverne beweert. Waar het om gaat is het borgen van de kwaliteit van bestuur en dat is heel wat anders. Alle partijen kampen met vergrijzing en een slinkend ledenbestand en dat zorgt voor problemen. Het wordt steeds lastiger om goede bestuurders te vinden en dat wordt voor een deel voorkomen door een lijstverbinding aan te gaan. De kans om goede bestuurders te vinden wordt daardoor groter. En dat is iets wat totaal over het hoofd wordt gezien. Wat ook over het hoofd wordt gezien is dat lijstverbindingen voor kleine en grote partijen een gelijk effect hebben, het is niet zo dat kleine partijen hier het meest van profiteren, zoals ook aangegeven door de Kiesraad.
Kortom een uitermate slechte ontwikkeling die de kwaliteit van het bestuur aantast.

Onjuiste redenering
Taverne wil de lijstverbindingen afschaffen omdat het in dit systeem mogelijk is dat een partij de meeste stemmen haalt, maar toch niet de meeste zetels krijgt (te weten wanneer haar concurrent voordeel trekt uit een lijstverbinding). Dat zou oneerlijk zijn. Maar hoe eerlijk is eigenlijk een systeem dat de lijstverbindingen afschaft, maar de huidige wijze van restzetelverdeling intact laat? Dát systeem leidt ertoe dat een grote partij, zeg de VVD, een restzetel krijgt toegewezen op basis van een surplus van bijvoorbeeld 30.000 stemmen, terwijl een kleinere partij, zeg de SGP, een surplus kan hebben van 35.000 stemmen, maar de restzetel mist wegens het enkele feit dat zij kleiner is (want dan geldt het principe van het zogeheten grootste gemiddelde). Is dat dan wél eerlijk?